Vers van de middelbare school gaan studenten vaak ‘op kamers’ in studentenhuizen, samen het nieuwe avontuur aan. Het liefst betaalbaar natuurlijk. En juist op dat punt knelt het nogal eens, weet Frans-Pieter de Jong van woningcorporatie DUWO: ‘Studentenkamers zijn geen zelfstandige woningen, waardoor je er geen huurtoeslag voor kunt aanvragen. Dus hoewel heel gezellig zo met zijn allen, maakt het de kamers relatief duur.’ Als oplossing daarvoor ontwikkelde DUWO kleine appartementen met de naam STING. Dat staat voor Studenten-IN-een-Groep.
Gezellig en betaalbaar
Op de bovenste drie verdiepingen van het ongeveer 30 meter hoge woonblok zijn 42 van deze STING appartementen ingepast. Ze zijn met 18 m2 niet heel ruim bemeten, maar dat wordt goedgemaakt met de grote gemeenschappelijke-ruimte-met-keuken op dezelfde etage. Tegelijkertijd hebben ze een eigen badkamer en keukentje en daardoor een eigen adres, wat het aanvragen van huurtoeslag mogelijk maakt. De Jong: ‘Een aantrekkelijke huurprijs met de gezelligheid van een studentenhuis – het beste van beide werelden.’
Balans
De STING is ideaal voor de beginnende student, de grotere Studettes (18-24 m2) en Studio’s (minstens 24 m2) lijken meer te passen bij achtereenvolgens bachelor- en masterstudenten. Het idee daarachter is dat studenten tijdens de studie steeds meer zelfstandigheid en ruimte nodig hebben voor het afronden van de studie. ‘Door de verschillende woningtypen aan te bieden komen de verschillende studenten bij elkaar te wonen’, licht De Jong toe. ‘Daardoor ontstaat een goede en levendige balans.’
Levendigheid
Ook de onderste verdieping, de zogenaamde plint op straatniveau, mag best bruisen. Daarvoor ontwierp Mei architects and planners een ruimte voor verschillende functies, zoals bijvoorbeeld een wasserette en een fietsenstalling. En met een commerciële ruimte waarvoor nog naar een invulling wordt gekeken, zoals bijvoorbeeld een ‘bike bar’ om je fiets te laten repareren. ‘De ruimte is zo transparant mogelijk ontworpen, zodat er als vanzelf een verbinding ontstaat tussen de diverse functies in de plint’, zegt architect Geert Krusemann. ‘Tegelijkertijd kun je bij binnenkomst vanuit de Hildegard von Bingenstraat het groene Florence Pricehof aan de achterkant van het gebouw al zien liggen.’
Stedelijk aangezicht
Ook voor de buitenzijde hebben de architecten iets bedacht. De voorkant van het gebouw aan de Von Bingenstraat (de schuine straat op het kaartje) ziet er stoer en stedelijk uit, met kozijnen van verschillende diepten die ook nog eens niet evenwijdig naast elkaar staan, waardoor het perspectief naar boven toe licht wijzigt. Daarbij wordt de uitstraling van de gevel steeds rijker naarmate je dichterbij komt. Volgens Krusemann is het idee geleend van de Italiaanse architect Scarpa: ‘Dus van afstand zie je simpelweg een gebouw, een grote vierkante vorm ‘op de grond’ staan. Iets dichterbij zie je de rijkheid van het materiaal van de gevels. En sta je oog in oog met de gevel, dan vallen ineens allerlei bijzondere details op, bijvoorbeeld in de geglazuurde tegels van keramiek. Die gaan we samen met een kunstenaar vormgeven, iets waar we veel ervaring mee hebben.’
Vogelzang
Aan de achterzijde krijgt het gebouw juist een informelere uitstraling. Met in de gevel zogenaamde ‘setbacks’, plekken waarop de gevel iets terugwijkt waardoor ruimte ontstaat voor plantenbakken en nestkasten – wat is er fijner dan wakker worden met het getsjirp van vogels. Daarbij bestaat de gevelbekleding uit materialen zoals bamboe, zoveel mogelijk circulair gebouwd. Wat bedoelt Krusemann daarmee? ‘De hoofconstructie van een gebouw gaat misschien wel 150 jaar mee, maar de gevels veel korter. Daarom bevestigen we de gevels overal mechanisch, dus zonder lijm en andere bindmiddelen. Daardoor zijn ze makkelijk los te maken.’
Stadspaleis
Studentenwoningen in het midden van Zuidas – het wordt misschien niet het grootste of het meest opvallende gebouw in de Amsterdamse stadswijk met internationale allure. Maar daar staat volgens Krusemann veel tegenover: ‘Het wordt een plek waar generaties studenten zich thuis gaan voelen, gebouwd op de menselijke maat.’ Toch valt het gebouw met zijn bijzondere gevel, zijn twee gezichten en met een bruisende plint straks zeker niet uit de toon. Niet verwonderlijk, als we van Krusemann horen waar de inspiratie vandaan kwam: ‘We hielden tijdens het ontwerpen steeds een schuin oog op de bekende Italiaanse stadspaleizen. Ja, je zou kunnen zeggen dat het een echt studentenpalazzo wordt.’ Frans-Pieter de Jong van DUWO realiseert zich, tot slot, dat 127 studentenwoningen de kamernood in de regio Amsterdam niet zal oplossen. ‘Maar de studenten die straks hier straks een plekje weten te bemachtigen, zullen zich ongetwijfeld de koning te rijk voelen.’
Planning
Aannemer Plegt-Vos start naar verwachting begin 2026 met de bouw van de studentenwoningen. De oplevering volgt waarschijnlijk in het eerste kwartaal van 2027. Tegen die tijd heeft het gebouw ook een naam gekregen, al dan niet via een prijsvraag vanuit woningcorporatie DUWO.
Artikel delen:
Geef uw mening
Of neem bij vragen contact met ons op